:

Wat is de betekenis van artikel 1:268 BW?

Ansley Feest
Ansley Feest
2025-09-21 21:37:01
Count answers : 14
0
Artikel 268 van het Burgerlijk Wetboek (BW) geeft de rechtbank de bevoegdheid om een ouder geheel of gedeeltelijk te schorsen in de uitoefening van het ouderlijk gezag. De schorsing kan worden opgelegd als er een ernstig vermoeden bestaat dat het kind in acute en ernstige mate wordt bedreigd of wanneer een medische behandeling noodzakelijk is en een ouder daarvoor toestemming weigert. De schorsing duurt in principe drie maanden maar kan worden verlengd als de rechtbank besluit om het gezag te beëindigen. De rechter kan in dat geval een gecertificeerde instelling voor de Jeugdwet belasten met de voorlopige voogdij over de minderjarige. Deze instelling heeft de bevoegdheden van een voogd. In het geval dat beide ouders of een alleenstaande ouder wordt geschorst, krijgt de gecertificeerde instelling de voorlopige voogdij over de minderjarige. Er moet sprake zijn van een acute en ernstige bedreiging voor de minderjarige of van een noodzakelijke medische behandeling. De rechtbank heeft de mogelijkheid om de schorsing tevens te verlengen na drie maanden, totdat een definitief besluit over het ouderlijk gezag is genomen. Deze beslissingen van de rechtbank dienen de belangen van de minderjarige te beschermen, aangezien het ouderlijk gezag kan wordt beëindigd als de ouder niet in staat is om verantwoordelijkheid te nemen voor het kind.
Roscoe Bartoletti
Roscoe Bartoletti
2025-09-12 01:31:03
Count answers : 15
0
Artikel 1:268 BW regelt de schorsing van een ouder in de uitoefening van het gezag. Deze schorsing kan alleen worden verzocht door de raad voor de kinderbescherming, het openbaar ministerie of de pleegouder. Een schorsing vervalt na verloop van drie maanden, tenzij voor het einde van deze termijn beëindiging van het gezag is verzocht. Artikel 1:268 BW biedt de rechter niet de mogelijkheid om de beslissing inzake het gezag zelf te wijzigen, te schorsen of te beëindigen. Het bepaalde in artikel 1:268 BW in verbinding met artikel 1:267 BW volgt dat ook schorsing van een ouder in de uitoefening van het gezag alleen kan worden verzocht door de in laatstgenoemde bepaling genoemde partijen. De rechter kan de beëindiging van het gezag ambtshalve uitspreken in het geval dat bedoeld in artikel 1:267 lid 2 BW.

Lees ook

Wat is de betekenis van artikel 32 van het Burgerlijk Wetboek Boek 1?

Een huwelijk mag niet worden aangegaan, wanneer de geestvermogens van een partij zodanig zijn gestoo Lees meer

Wat is de betekenis van artikel 1:14 BW?

Ten aanzien van aangelegenheden die een kantoor of filiaal van de rechtspersoon betreffen, heeft hij Lees meer

Leonie Jast
Leonie Jast
2025-09-11 21:14:59
Count answers : 9
0
De rechtbank kan een ouder geheel of gedeeltelijk in de uitoefening van het gezag schorsen indien: een ernstig vermoeden bestaat dat de grond, bedoeld in artikel 266, eerste lid, aanhef en onder a of b is vervuld en de maatregel noodzakelijk is om een acute en ernstige bedreiging voor de minderjarige weg te nemen, of een medische behandeling van een minderjarige jonger dan twaalf jaar of van de minderjarige van twaalf jaar of ouder die niet in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen terzake, noodzakelijk is om ernstig gevaar voor diens gezondheid af te wenden en een ouder die het gezag uitoefent toestemming daarvoor weigert. Indien de ouders gezamenlijk het gezag uitoefenen, wordt gedurende de schorsing van het gezag van één van hen het gezag door de andere ouder alleen uitgeoefend, tenzij de kinderrechter een gecertificeerde instelling als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet, met de voorlopige voogdij over het kind belast. In dat geval is ook het gezag van deze ouder geschorst. Betreft de schorsing beide ouders of een ouder die alleen het gezag uitoefent, dan belast de rechtbank een gecertificeerde instelling als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet, met de voorlopige voogdij over de minderjarige. De schorsing in de uitoefening van het gezag vervalt na verloop van drie maanden na de dag van de beschikking, tenzij voor het einde van deze termijn beëindiging van het gezag is verzocht.
Agustina Yundt
Agustina Yundt
2025-09-11 21:06:52
Count answers : 8
0
Een schorsing in de uitoefening van het gezag kan door de rechter worden uitgesproken indien dit dringend en onverwijld noodzakelijk is en aan één van de rechtsgronden uit lid 1 is voldaan. Het gaat om de situatie dat een ernstig vermoeden bestaat dat de grond voor een gezagsbeëindigende maatregel is vervuld of dat een medische behandeling van een minderjarige jonger dan twaalf jaar of ouder en niet in staat tot een redelijke waardering van belangen noodzakelijk is en de ouder toestemming weigert.

Lees ook

Wat betekent het om handelingsonbekwaam te zijn?

Iemand die onder curatele staat, is handelingsonbekwaam om rechtshandelingen te doen, behalve voor d Lees meer

Wat betekent artikel 1?

Volgens artikel 1 van de Grondwet moet iedereen in Nederland gelijk worden behandeld. Het is dus ee Lees meer