:

Wat is de betekenis van art. 3:303 BW?

Emmie Rempel
Emmie Rempel
2025-11-10 23:00:12
Count answers : 8
0
In artikel 3:303 BW is bepaald dat zonder voldoende belang niemand een rechtsvordering toekomt. In beginsel wordt een ieder die een rechtsvordering aanhangig maakt verondersteld een voldoende belang te hebben bij het instellen van de vordering. In bepaalde gevallen zal een partij moeten aantonen dat sprake is van een belang, namelijk in geval van een daartoe strekkend verweer van de wederpartij of op bevel van de rechter die ambtshalve moet toetsen. De uitspraak van de rechtbank benadrukt nog maar eens dat een eiser niet in alle gevallen belang heeft bij het gevorderde. Ondanks de overeengekomen allonge met daarin duidelijke afspraken en verplichtingen aan zowel de kant van Huurder als Verhuurder, wordt niet automatisch aangenomen dat de Verhuurder belang heeft bij een vordering tot nakoming van die afspraken.
Ophelia Sipes
Ophelia Sipes
2025-11-04 13:20:24
Count answers : 16
0
Zonder voldoende belang komt niemand een rechtsvordering toe.

Lees ook

Wat is een 303 procedure?

Op basis van artikel 7:303 van het Burgerlijk Wetboek is het mogelijk voor een huurder en een verhuu Lees meer

Wat is het primaire doel van een huurprijsherziening voor kantoorruimte?

Het hoofddoel van een huurprijsherziening voor kantoorruimte is om de huurprijs in lijn te houden me Lees meer

Danny Funk
Danny Funk
2025-10-29 09:24:37
Count answers : 10
0
Artikel 3:303 BW bepaalt dat zonder voldoende belang niemand een rechtsvordering toekomt. Voldoende belang heeft dus invloed op de actieradius van de gebodsactie, en voorkomt dat de rechter zijn schaarse tijd besteedt aan de beoordeling van zinloze of misplaatste gebodsvorderingen. Uitgangspunt blijft natuurlijk dat voldoende belang mag worden verondersteld. Maar voor het goede functioneren van de bovengenoemde remedies is het noodzakelijk om de grenzen van voldoende belang in kaart te brengen. De komst van het collectieve actierecht roept nieuwe vragen op met betrekking tot voldoende belang. Dus ook al voldoet de belangenorganisatie aan de eisen van art. 3:305a BW, de rechter moet alsnog toetsen of de achterban van die organisatie voldoende belang heeft bij de vordering en de rechtsbetrekking die aan de vordering ten grondslag ligt. Dat betekent ook dat voor het functioneren van art. 3:303 BW duidelijkheid nodig is voor wie de belangenorganisatie opkomt. Wanneer er geen grenzen worden gesteld aan wie de belangenorganisatie kan vertegenwoordigen, wordt art. 3:303 BW een lege huls. Daarom roept de auteur in dit artikel op tot een discussie over de eisen die moeten worden gesteld aan de relatie tussen de belangenorganisatie en de achterban. Bij de gebodsactie bewaakt art. 3:303 BW de effectiviteit van het gebod en zorgt het ervoor dat men zich niet in rechte met andermans zaken bemoeit. Daarnaast markeert het belangvereiste welke soorten belangen privaatrechtelijke bescherming verdienen.
Demond Murphy
Demond Murphy
2025-10-17 21:45:14
Count answers : 9
0
Een belangrijk uitgangspunt van het procesrecht is neergelegd in artikel 3:303 BW: “Zonder voldoende belang komt niemand een rechtsvordering toe”. De OK honoreert die stelling omdat “het niet de bedoeling (is) dat aan de LCG verzoeken warden gedaan tot het doen van een bindende uitspraak over de interpretatie van de WMS wanneer er helemaal geen geschil (meer) is”. De OK trekt de conclusie dat “van een concreet medezeggenschapsgeschil, waarin een uitspraak van de LCG c.q. de Ondernemingskamer nog daadwerkelijke gevolgen zal/kan hebben, geen sprake meer is”. Gevolg daarvan is dat de LCG de OMR ten onrechte in haar verzoek heeft ontvangen. De OK vernietigt de uitspraak van de LCG en verklaart de OMR alsnog niet-ontvankelijk. De OK stelde dan oak vast dat de universiteit geen belang meer had bij een uitspraak omdat immers de regeling al was overeengekomen met instemming van de studentenraad en welke uitspraak van de OK dan oak zou daar nog verandering in kunnen aanbrengen. Het argument van de universiteit dat een beoordeling van de OK van belang kan zijn op de inhoud en het verloop van toekomstige medezeggenschapstrajecten, in het bijzonder de vaststelling van de Onderwijsen Examenregeling 2013-2014, achtte de OK geen voldoende belang

Lees ook

Wat is een 303?

De huurprijsherziening is een wettelijk proces en een rechter zal hier dan ook aan te pas komen. Bi Lees meer

Hoe bereken ik de huurprijs per m2 van winkelruimte?

Welke factoren zijn bepalend voor de huurprijs per m² ? We beginnen natuurlijk bij de huurtermijn. Lees meer