Concreet zorgt de sociale zekerheid voor:
een vervangingsinkomen bij loonverlies (werkloosheid, pensionering, arbeidsongeschiktheid)
een aanvulling op het inkomen als je bepaalde "sociale lasten", zoals het opvoeden van kinderen of ziektekosten, moet dragen
bijstandsuitkeringen als je onvrijwillig niet over een beroepsinkomen beschikt.
Sociale zekerheid is een soort verzekering dat bedoeld is om inkomen en/of verzorging te garanderen voor personen en gezinnen, die tijdelijk of blijvend, niet (langer) in staat worden geacht om zelf in (voldoende) inkomen en/of verzorging te voorzien.
Langzaam aan is ons socialezekerheidssysteem geëvolueerd van een gewone verzekering tegen sociale risico's naar een waarborg voor bestaanszekerheid voor iedereen.
Op momenten wanneer er iets veranderd in je leven en/of het even wat tegen valt, er een sociaal en financieel vangnet is, bijvoorbeeld als je werkloos wordt of je een kindje krijgt.
De sociale zekerheid bestaat immers uit 7 onderdelen, met elk hun eigen overheidsdienst:
rust- en overlevingspensioenen (FPD - Federale Pensioendienst)
werkloosheid (RVA - Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening)
arbeidsongevallenverzekering (FEDRIS - Federaal agentschap voor beroepsrisico's)
beroepsziekteverzekering (FEDRIS - Federaal agentschap voor beroepsrisico's)
gezinsbijslag (FAMIFED: Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag - Geen federale bevoegdheid meer)
verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen (RIZIV - Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering)
jaarlijkse vakantie (RJV - Rijksdienst voor Jaarlijkse Vakantie)
Het klassieke sociale zekerheidsstelsel valt daarnaast globaal genomen uiteen in drie stelsels:
een stelsel voor werknemers in de privésector
een stelsel voor zelfstandigen
een stelsel voor (federale) ambtenaren.